
Op een agrarisch bedrijf liggen voeropslag en mestkelders vaak dicht bij elkaar. Beide plekken zijn favoriet bij knaagdieren. Wie hier niets aan doet, krijgt te maken met schade aan voer, risico’s voor de gezondheid van het vee en een plaag die snel groter wordt. In dit artikel leest u waar het misgaat en hoe u dit voorkomt.
Waarom voeropslag knaagdieren aantrekt
Ratten en muizen zoeken vooral twee dingen: voedsel en een veilige schuilplaats. Voeropslag biedt allebei. Kuilvoer, krachtvoer en graan zijn voor knaagdieren makkelijk bereikbaar als de opslag niet goed is afgesloten. Eenmaal binnen bouwen ze snel een nest en planten ze zich razendsnel voort. Onze aanpak voor agrarische bedrijven, van stal tot voeropslag, staat beschreven in ons overzichtsartikel voor de agrarische sector.
Mestkelders als verborgen probleem
Mestkelders zijn warm, vochtig en rustig. Dat maakt ze aantrekkelijk voor ratten, die er vaak ongezien leven. Pas als u sporen ziet bij de rand van de kelder of bij voergangen, valt het op. Tegen die tijd zit er vaak al een flinke populatie.
Het risico voor uw bedrijf
Knaagdieren vreten niet alleen voer op. Ze vervuilen het ook met urine en uitwerpselen. Dat is een risico voor de gezondheid van uw vee. Ook kunnen ze elektrakabels en isolatiemateriaal beschadigen, wat op een agrarisch bedrijf tot gevaarlijke situaties kan leiden.
Er is ook een dierenwelzijnskant. Onderzoek laat zien dat rattengif via de voedselketen terechtkomt bij egels, roofvogels en uilen. Deze dieren eten vergiftigde knaagdieren en raken daardoor zelf vergiftigd. Daarom werken wij het liefst met wering en monitoring, en zetten we gif alleen in als laatste stap.
Wat werkt beter dan alleen gif
Zorg dat voeropslag goed is afgesloten met knaagdierwerend materiaal. Houd de omgeving van voeropslag en mestkelders schoon en vrij van rommel waar dieren zich kunnen verstoppen. Plaats monitoringspunten op vaste plekken, zodat u vroeg ziet of er weer activiteit is. Dit heet IPM, Integrated Pest Management. Dat betekent dat we eerst de oorzaak wegnemen en pas daarna, als het echt nodig is, gericht bestrijden.
Denk ook aan het seizoen. Rond de oogst en bij het inkuilen van wintervoorraad is de kans op een nieuwe plaag het grootst, omdat er dan extra voer en beweging is.