Erkend · volgens IPM

Vliegende insecten bestrijden in Groot-Amsterdam en Flevoland

Wespen, vliegen en muggen. Snel en veilig aangepakt.

Vliegende insecten geven overlast en kunnen voedsel vervuilen. Of het nu om een wespennest, vliegen of muggen gaat, wij pakken het gericht aan.

WerkwijzeIPM aanpak
TechniciGecertificeerd
RapportageHACCP-proof
RegioAmsterdam en Flevoland

Waar komen de vliegen vandaan?

Vliegende insecten komen bijna altijd ergens vandaan waar ze zich kunnen voortplanten. Zolang die bron blijft bestaan, blijft de overlast terugkomen. Daarom kijken wij eerst waar de dieren ontstaan en niet alleen waar u ze ziet.

Bij kamervliegen en fruitvliegen ligt de bron vaak dichtbij. Denk aan een afvoerputje met een laagje aanslag, een vuilcontainer, een fruitschaal of een lekbak onder een tapinstallatie. Ook onder een koeling of achter een vaatwasser blijft vaak vocht en organisch materiaal achter.

Ziet u vliegen vooral bij een raam of tegen een lichtkoepel? Dan komen ze meestal ergens hoger in het pand vandaan. Denk aan een dood dier op zolder, een kadaver in een spouw of een dakdoorvoer die openstaat.

Motmuggen wijzen bijna altijd op een afvoer. U herkent ze aan de kleine, harige vliegjes die stil op een muur rond een putje zitten. Zij planten zich voort in de slijmlaag in de leiding.

Wespen werken anders. Die ontstaan niet in het pand. Zij vliegen naar binnen op zoek naar suiker en eiwit. Bij wespen zoeken wij daarom het nest of de invliegopening in de constructie.

Fruitvlieg, motmug of oevervlieg? Elke soort heeft een andere bron

Kleine vliegjes in een keuken lijken op elkaar. Toch zit de bron per soort ergens anders. Weet u welke soort het is, dan weet u meestal ook waar u moet zoeken. Dat scheelt dagen zoeken en voorkomt dat u de verkeerde plek schoonmaakt.

Fruitvlieg

Klein, geelbruin, met vaak rode ogen. Hij zweeft rond fruit, bier, wijn en frisdrankresten. De bron is bijna altijd iets dat gist. Denk aan een fruitschaal, een lekbak onder de tap, een leeg flessenkrat of een natte dweil. Vliegjes leggen eitjes op het natte oppervlak zelf.

Motmug

Klein, donker en harig, met driehoekige vleugels. Hij zit meestal stil op een muur of tegel vlak bij een putje. De bron is de slijmlaag in een afvoer, een vetput of een zelden gebruikte doucheput. Hij vliegt slecht en blijft daarom dicht bij de bron.

Oevervlieg

Iets steviger en donker, loopt vaak over een tegel in plaats van te vliegen. Hij ontwikkelt zich in organisch slib. Denk aan een verstopte kolk, een condensafvoer, een vloerput onder een machine of natte koffieprut in een afvoer.

Grotere vliegen wijzen op iets anders. Een kamervlieg komt meestal van buiten en houdt zich op bij afval en organisch materiaal. Ziet u een grote blauwe of groene bromvlieg binnen, en met meerdere tegelijk, dan is er vaak een dood dier in het pand. Dat kan een duif in een schacht zijn, een muis achter een plint of een marter in een spouw.

Zo vindt u de bron zelf

Er is een eenvoudige test die vaak meteen duidelijkheid geeft. Plak aan het eind van de dag een strook doorzichtig plakband over een verdacht afvoerputje, zodat het helemaal is afgedekt. Kijk de volgende ochtend aan de onderkant van het plakband. Zitten daar vliegjes vast, dan komen ze uit die afvoer. Herhaal dit per putje, want in een keuken zijn het er vaak meerdere.

Kunt u de bron niet vinden, kijk dan op plekken die zelden open gaan. In de praktijk vinden wij bronnen vaak onder een koeling, achter een vaatwasser, in een vloerput onder een spoeltafel, in een vetafscheider of in een afvoer van een handenwasbak die weinig wordt gebruikt.

Let op. Een sterk schoonmaakmiddel of bleek door de afvoer gieten helpt bijna nooit. Het spoelt langs de slijmlaag heen en die laag zit juist aan de wand van de leiding. Er is mechanisch werk nodig, bijvoorbeeld borstelen, of een middel dat de laag zelf afbreekt. Anders zijn de vliegjes binnen een week terug.

Wat kunt u zelf doen, en wat beter niet

Loop eerst de plekken langs waar vocht en voedselresten samenkomen. Maak afvoerputjes mechanisch schoon met een borstel. Alleen doorspoelen met water of een schoonmaakmiddel is meestal niet genoeg. De slijmlaag in de leiding blijft dan zitten.

Controleer of afvalbakken sluiten en of ze dagelijks worden geleegd. Bewaar fruit in een gesloten bak. Kijk of horren en hordeuren nog goed aansluiten.

Let op. Sluit een actieve invliegopening van wespen niet af. De wespen zoeken dan een andere weg naar buiten. Soms komen ze daarbij in de ruimte zelf terecht. Laat de opening open tot de behandeling is uitgevoerd.

Het leeghalen van een insectenlamp lost het probleem ook niet op zolang de bron blijft bestaan. Een lamp vangt wat er al rondvliegt. De aanwas stopt pas wanneer de broedplaats verdwijnt.

Waarom De Afdeling Dierplagen?

Snel ter plaatse

Wij komen snel langs en pakken de bron aan, vaak al binnen een paar dagen.

Erkend en deskundig

Wij werken volgens de IPM-methode. Eerst kijken, dan gericht bestrijden, dan weren.

Particulier en zakelijk

Voor woningen en voor bedrijven. Discreet, netjes en zonder onnodig breekwerk.

Welke vliegende insecten?

Denk aan wespen, vliegen en muggen. Een wespennest verwijderen wij veilig en met de juiste bescherming. Bij vliegen en muggen kijken wij naar de bron en de wering.

Waar heeft u last van?

Kies het dier voor meer informatie.

Voor bedrijven

Vliegen en wespen zijn slecht voor uw bedrijf. Bij een terras of in een keuken jagen ze klanten weg. Ze kunnen ook voedsel vervuilen.

HACCP zijn de regels voor voedselveiligheid. Wij helpen u daaraan te voldoen. Denk aan vliegenlampen, hordeuren en gaas voor de ramen. Zo houdt u vliegen buiten zonder gif boven het voedsel.

Zit er een wespennest bij uw ingang of op het terras? Wij halen het veilig weg. Voor bedrijven kunnen wij dit met voorrang en buiten openingstijden doen.

Voor horeca en bedrijven met een terras kan overlast van vliegende insecten het hele seizoen terugkomen. Wij bieden daarom ook een vast onderhoudscontract met periodieke controle van vliegenlampen, hordeuren en de directe omgeving van uw pand. Bevindingen leggen wij vast in een rapportage die u kunt gebruiken bij uw eigen HACCP controle of audit.

Onze aanpak volgens IPM

Wij beginnen niet met spuiten. Bij vliegende insecten zit het probleem bijna altijd bij een bron of bij een opening. Wie alleen de dieren bestrijdt die al rondvliegen, is binnen een week terug bij af. Daarom werken wij in vaste stappen. Eerst kijken, dan gericht ingrijpen, daarna weren en controleren. Deze werkwijze past binnen IPM. Dat staat voor Integrated Pest Management. Middelen gebruiken wij alleen wanneer dat nodig en toegestaan is.

1. Inspectie en soortbepaling

Wij stellen eerst vast welk insect het is. Een fruitvlieg, een motmug en een kamervlieg hebben ieder een andere bron. Daarna zoeken wij die bron op. Afvoeren, koelingen, afvalopslag, lekbakken, voorraad en de plekken waar dieren naar binnen kunnen. Bij wespen zoeken wij het nest of de invliegopening.

2. Bron wegnemen en gericht bestrijden

De bron gaat weg of wordt mechanisch gereinigd. Denk aan een afvoer borstelen, een aangetaste partij afvoeren of een kadaver verwijderen. Pas daarna bestrijden wij wat er nog vliegt. Wij kiezen de methode die bij de soort en bij de ruimte past. Boven voedsel en werkbladen gebruiken wij geen middelen.

3. Wering, monitoring en controle

Wij adviseren over horren, deuren, roosters en verlichting. Insectenlampen met lijmplaat gebruiken wij als meetpunt. Bij bedrijven leggen wij de tellingen en de open punten vast in het bezoekverslag. Bij een contract controleren wij dit bij ieder bezoek.

Waarom deze volgorde? Een insectenlamp vangt wat er al vliegt. De bron gaat daar niet van weg. Een middel doodt de dieren van vandaag. De dieren van morgen blijven daar niet door buiten. Alleen de combinatie van bron, bestrijding en wering geeft rust die blijft.

Wat u van ons mag verwachten. Bij een enkele bron, bijvoorbeeld een vervuilde afvoer, is de overlast vaak binnen een week duidelijk minder. Bij een pand met meerdere afvoeren, een open laaddeur en afvalopslag buiten kan het langer duren. Wij zeggen vooraf wat wij verwachten en waar dat van afhangt.

Werkt u in een keuken, een bakkerij of een voedingsbedrijf? Dan leggen wij de bevindingen vast in een rapportage. Die kunt u gebruiken bij uw eigen controle of bij een audit. Meer over onze werkwijze leest u op de pagina werkwijze.

Wespen in de nazomer: nu de meeste overlast

In september zijn wespen het lastigst. Het nest is op zijn grootst. De koningin legt geen nieuwe werksterlarven meer. De werksters halen dan geen eiwit meer en zoeken zoet. Daarom zitten zij nu op terrassen, bij afvalbakken, bij fruit en in een glas frisdrank.

Een nest bij uw deur, terras of dakrand kan in deze weken duizenden wespen bevatten. Zelf behandelen is dan gevaarlijk. Onze technici doen dit met beschermende kleding en met garantie. Voor horeca met een terras werken wij ook buiten openingstijden.

Vanaf oktober sterft een nest vanzelf af. Ziet u nu nog een drukke invliegopening, dan is behandelen meestal verstandig. Wacht u liever af, sluit de opening dan pas in de winter af. Anders begint een nieuwe koningin volgend jaar op dezelfde plek.

Let op. Sluit een actieve invliegopening niet af. De wespen zoeken dan een andere route. Vaak komen zij daarna aan de binnenkant van de woning of het pand naar buiten.

Wilt u direct een afspraak voor een wespennest? Kijk op de pagina wespennest laten verwijderen. Daar plant u online meteen een moment in.

Welke wesp of hoornaar is het?

Er leven meerdere wespensoorten in Nederland. Voor bedrijven is de Aziatische hoornaar extra belangrijk om te melden. Deze soort valt ook bijenkasten aan.

Bekijk de kenmerken van de gewone wesp, de Duitse wesp, de Franse veldwesp, de Saksische wesp, de Europese hoornaar en de Aziatische hoornaar.

Twijfelt u over de soort? Stuur een foto mee bij uw aanvraag. Onze technicus herkent het nest ook tijdens de inspectie.

Voorbeeld: vliegenoverlast bij een horecakeuken

Een restaurant in de regio belt ons in de zomer. Er zitten steeds meer vliegen bij de opslag en in de keuken. Ook gasten op het terras merken het. Wij zoeken eerst de bron op. Vaak zit die bij een afvalcontainer of een kier bij de achterdeur. Wij plaatsen een vliegenlamp op de juiste plek en dichten de kier. Binnen een paar dagen is de overlast duidelijk minder. De ondernemer krijgt ook een kort advies voor de eerstvolgende HACCP-controle.

Insectenlampen: wat een lamp wel en niet oplost

Veel bedrijven schaffen een insectenlamp aan zodra de eerste vliegen binnenkomen. Dat is begrijpelijk. Toch is het goed om te weten wat zo'n lamp doet. Een lamp vangt de insecten die al binnen zijn. Hij haalt de bron niet weg en houdt geen nieuwe insecten buiten.

Wel is een lamp waardevol als meetpunt. Wij tellen wat erin zit en welke soorten het zijn. Een stijgend aantal fruitvliegen op een lijmplaat zegt iets over een bron binnen. Veel kamervliegen zegt iets over insleep bij een deur. Zo wordt de lamp een onderdeel van de monitoring in plaats van een losse aankoop.

Waar de lamp hangt bepaalt of hij werkt:

  • Hang de lamp op ongeveer twee tot tweeënhalve meter hoogte. Vliegen bewegen op die hoogte.
  • Hang hem nooit boven een werkblad, een snijtafel of open product. Bij een audit is dat een directe afwijking.
  • Hang hem niet vlak naast een buitendeur. Dan lokt hij insecten van buiten juist naar binnen.
  • Zorg dat de lamp niet vanaf buiten zichtbaar is, om dezelfde reden.
  • Hang hem niet in een sterke luchtstroom of recht tegenover een raam. Daglicht is sterker dan de lamp.
  • Laat hem aan staan, ook 's nachts. Juist dan doet hij zijn werk.

In een voedselomgeving adviseren wij een lamp met een lijmplaat en niet met een elektrisch rooster. Bij een rooster kunnen kleine deeltjes van het insect wegspringen. Boven een productieruimte wilt u dat niet. Een lijmplaat houdt alles vast en is bovendien telbaar.

Twee onderdelen worden vaak vergeten. De lijmplaat raakt vol en verliest dan zijn werking. Vervang die meestal elke een tot drie maanden, in de zomer vaker. En de lampen zelf verliezen na ongeveer een jaar hun ultraviolette licht, terwijl ze nog gewoon blijven branden. U ziet dus niet dat de lamp niets meer doet. Vervang de lampen daarom jaarlijks, het liefst in het voorjaar voor het seizoen begint.

Insleep beperken: deuren, roosters en buitenverlichting

De meeste vliegen die u binnen ziet, zijn gewoon naar binnen gevlogen. Insleep beperken levert daarom vaak meer op dan bestrijden. Zeker bij een horecabedrijf of een magazijn met een laaddeur die vaak openstaat.

Begin bij de deuren. Een achterdeur die tijdens een dienst openstaat voor de koelte is in de zomer de grootste bron van insleep. Een hordeur of een insectengaas in een vast frame lost dat op. Bij een deur die veel gebruikt wordt, werkt een luchtgordijn beter, mits die goed is afgesteld. Staat de deur toch open, zorg dan dat er buiten geen afvalcontainer vlak naast staat.

Kijk daarna naar de openingen die u makkelijk over het hoofd ziet. Een ventilatierooster zonder gaas, een afzuigkanaal zonder klep, een kapotte lichtkoepel en een openstaand bovenlicht van een toilet. Ook een luifel of een dakrand met een open naad is een veelgebruikte route.

Buitenverlichting speelt een grotere rol dan de meeste mensen denken. Veel insecten worden aangetrokken door blauw en ultraviolet licht. Een felle witte lamp direct boven een achterdeur verzamelt in de zomer een wolk insecten op precies de plek waar de deur opengaat. Kies daar liever warm wit of amberkleurig licht. Of verlicht de deur van een afstand, zodat de lamp niet bij de opening hangt.

Voor bedrijven leggen wij deze punten vast in het bezoekverslag. U kunt dan zelf zien welk punt nog open staat en wie het oppakt. Bij een controle laat dat ook zien dat u het beheerst en niet alleen bestrijdt.

Vliegende insecten voorkomen: praktische tips

Met deze stappen houdt u vliegen, muggen en wespen zoveel mogelijk buiten de deur.

Zo weert u vliegende insecten
  • Dek zoet fruit en drinken af, zeker op het terras.
  • Sluit vuilnisbakken goed af en leeg ze op tijd.
  • Hang horren voor ramen en deuren die vaak openstaan.
  • Laat geen stilstaand water staan. Muggen leggen daar hun eieren.
  • Controleer in het voorjaar op beginnende wespennesten onder daken en in schuren.

Heeft u toch veel last van vliegende insecten? Onze technici stellen tijdens de inspectie vast om welk insect het gaat en pakken de bron aan.

Let op. Wij gebruiken alleen middelen met een Ctgb toelating. Dat zijn de officiele regels voor bestrijdingsmiddelen in Nederland. Onze technici volgen de voorgeschreven droogtijd, zodat ruimtes daarna veilig zijn voor kinderen en huisdieren. Meer over onze werkwijze leest u op de pagina werkwijze. Verwijderen wij een wespennest bij u? Dan gelden onze garantievoorwaarden voor wespenbestrijding.

Motten in kleding en textiel: kledingmot of pelsmot

Vindt u kleine gaatjes in een wollen trui, een jas of een tapijt? Ziet u grijsbruine motjes die laag door de kamer fladderen en juist wegkruipen voor licht? Dan gaat het waarschijnlijk om de kledingmot of de pelsmot.

De schade komt niet van het vlindertje zelf. De larve doet het werk. Die eet keratine. Dat zit in wol, zijde, bont, veren en leer. Katoen en kunststof worden meestal alleen aangetast als er zweet, huidschilfers of etensresten in zitten.

Zoek op de rustige plekken. Denk aan de achterkant van een kledingkast, de onderkant van een bank, de rand van een tapijt onder een kast en textiel dat lang niet is gedragen. Vindt u kleine kokertjes van vezels of een fijn spinsel, dan zit daar de larve.

Wat u zelf kunt doen. Was aangetast textiel op zestig graden als het materiaal dat toelaat. Kan dat niet, leg het dan een week in de vriezer in een gesloten zak. Zuig kasten, plinten en tapijtranden uit tot in de naden. Gooi de stofzuigerzak daarna meteen buiten weg.

Wat minder helpt. Geurzakjes en mottenballen houden larven die er al zitten niet tegen. Een insectenlamp werkt hier ook niet, want kledingmotten komen niet op licht af. Alleen spuiten in de kast lost het zelden op, omdat de bron vaak ergens anders ligt.

Wij zoeken bij een behandeling eerst de bron. Vaak is dat één kledingstuk, een oud kleed, vilt in een piano of textiel onder een vloer. Daarna behandelen wij gericht de naden, randen en de ruimte rond die bron. Bij een hotel, kledingzaak of museum kijken wij ook naar opslag en aanvoer, want daar komt de mot meestal binnen.

Motten in voorraad en magazijn: meelmot en fruitmot

In een keuken, winkel of magazijn ziet u een ander type mot. De meelmot en de fruitmot leven van droge voeding. Denk aan meel, rijst, pasta, muesli, noten, gedroogd fruit, cacao, diervoeding en vogelvoer.

Het eerste signaal is meestal geen mot maar spinsel. U ziet klontjes in het meel, draden in een geopende zak of een fijn web in de hoek van een verpakking. De larven kruipen daarna weg om te verpoppen. Kijk daarom ook langs de bovenrand van de wand en waar het plafond aansluit. Daar zitten vaak de poppen.

De bron ligt bijna altijd in de voorraad zelf. Een aangebroken zak achterin het schap. Een gescheurde verpakking op een pallet. Restanten in een weegbak of een silo die nooit helemaal leegkomt. Vaak komt de mot al mee met een levering naar binnen.

Alleen de vliegende motten wegvangen werkt daarom niet. Zolang de aangetaste partij blijft staan, komen er nieuwe motten uit. Wij zoeken eerst de bron. Daarna gaat de aangetaste partij weg en wordt de ruimte grondig gereinigd, inclusief kieren, schapdragers en de onderkant van pallets.

Let op. Voer een aangetaste partij af in een gesloten zak en breng die direct naar buiten. Blijft de partij binnen staan, dan lopen de larven eruit en zoeken zij een nieuwe plek.

Voor bedrijven zetten wij vaak feromoonvallen in. Die vangen alleen mannetjes en lossen op zichzelf niets op. Ze laten wel zien waar en wanneer de aantallen oplopen. Zo ziet u of een nieuwe partij besmet binnenkomt en of een maatregel werkt. De tellingen leggen wij vast in de rapportage.

Wat u zelf structureel kunt regelen. Controleer leveringen bij ontvangst op spinsel en beschadigde verpakking. Gebruik de oudste voorraad eerst. Bewaar droge waar in gesloten bakken in plaats van in geopende zakken. Maak weegbakken en schappen periodiek helemaal leeg. Deze punten komen ook terug bij een audit op voedselveiligheid.

Muggen binnen: de larven zitten in stilstaand water

Steekmuggen leggen hun eitjes in water dat stilstaat. Denk aan een regenton, een emmer, een verstopte dakgoot, een schaal onder een plantenbak, een put in een kelder of een oude band op het terrein. Een laagje van enkele centimeters is al genoeg.

De muggen wegnemen die al binnen vliegen geeft daarom maar kort rust. Zolang er buiten of in de kruipruimte water blijft staan, komen er nieuwe bij. Wij kijken daarom eerst op het terrein en in de kruipruimte waar water blijft staan.

Wat u zelf kunt doen. Leeg de regenton of dek hem af. Ruim emmers, schalen en zeilen op waar water in blijft staan. Maak de dakgoot vrij. Ververs het water van een vogelbad elke paar dagen. Zorg dat een put of kruipruimte kan afwateren.

Wering werkt bij muggen goed. Horren voor te openen ramen houden veel muggen buiten. Let vooral op slaapkamers. In een hotel of zorginstelling is een hor bij ieder te openen raam vaak de maatregel met het meeste effect. Denk daarnaast aan roosters en een open schoorsteenkanaal.

Ziet u in het najaar ineens grote, trage muggen in een schuur, kelder of op zolder? Veel soorten overwinteren daar. Zij zijn dan nauwelijks actief. Wordt de ruimte warm, dan kunnen sommige soorten alsnog steken. Ingrijpen is meestal niet nodig. Pak liever de plekken aan waar water blijft staan, dan blijft het volgend seizoen rustiger.

Wanneer heeft u waar last van?

Vliegende insecten volgen het weer en het seizoen. Weet u in welke periode u iets ziet, dan weet u vaak al waar de bron zit. Wij gebruiken dat bij de inspectie, want het scheelt zoeken.

Voorjaar

De eerste vliegen worden actief zodra het warmer wordt. Muggenlarven komen tot ontwikkeling in stilstaand water, bijvoorbeeld in regentonnen, putten en kruipruimtes. Een wespenkoningin zoekt in deze periode een plek voor een nieuw nest. Het nest is dan nog klein en valt nauwelijks op.

Zomer

Warmte versnelt alles. Een vliegenei ontwikkelt zich in enkele dagen tot een volwassen vlieg. Fruitvliegjes verschijnen bij rijpend fruit, in afvoeren en bij afval. Motten in voorraad groeien in deze maanden het snelst door. Dit is de periode waarin een kleine bron snel een probleem wordt.

Nazomer en najaar

Wespennesten zijn dan op hun grootst en de dieren zoeken suiker. Daarnaast zoeken bromvliegen en lieveheersbeestjes een plek om te overwinteren. Zij verzamelen zich op zolders en aan de zonzijde van gevels. In verwarmde ruimtes worden zij midden in de winter soms opnieuw actief.

Ziet u binnen insecten in een periode waarin u ze niet verwacht, dan zit de bron bijna altijd binnen. Fruitvliegjes in januari komen niet van buiten. Die komen uit een afvoer, een bak met restafval of een vergeten kist fruit. Wij zoeken in dat geval eerst binnen en niet buiten.

Voor bedrijven betekent dit ritme iets voor de planning. Wij leggen controles bij voorkeur vlak voor de periode waarin het risico stijgt. Bij een keuken kijken wij dus in het voorjaar al naar afvoeren, vetvangers en afvalopslag, en niet pas wanneer de eerste klachten binnenkomen.

Wat meten en registreren wij bij bedrijven?

Bij bedrijven telt niet alleen of de overlast weg is. Een auditor of een opdrachtgever wil kunnen zien wat er is gemeten, wat eruit kwam en wat ermee is gedaan. Vliegende insecten lenen zich daar goed voor, omdat vangsten te tellen zijn.

Wij nummeren de insectenlampen en de vangplaten en zetten ze op een plattegrond. Bij iedere controle tellen wij per lamp wat erop zit. Zo ontstaat een reeks. Die reeks zegt veel meer dan één telling.

Tellen per lamp

Een lamp bij de laad en losdeur die steeds meer vangt dan de rest, wijst op insleep van buiten. Een lamp achter in de keuken die plotseling oploopt, wijst juist op een bron binnen. De verdeling over de lampen vertelt dus waar u moet kijken.

Soort bepalen

Wij kijken niet alleen naar aantallen maar ook naar wat er vangt. Motmuggen wijzen op een afvoer of een vetvanger. Oevervliegen wijzen op algen in stilstaand water. Voorraadmotten wijzen op een partij goederen. De soort bepaalt de vervolgstap.

Feromoonvallen

In een magazijn of een voorraadruimte plaatsen wij vallen met een lokstof voor voorraadmotten. Die vangen de mannetjes. Daarmee ziet u vroeg dat er ergens een besmette partij ligt, vaak voordat u de motten zelf opmerkt.

De metingen komen in een rapportage die u in uw kwaliteitsdossier kunt opnemen. HACCP is een systeem waarmee bedrijven risico's voor de voedselveiligheid beheersen. Vliegende insecten horen daarbij, want zij kunnen ziekteverwekkers op producten en oppervlakken brengen.

Een punt dat vaak vergeten wordt, is de aanvoer van goederen. Motten en kevers komen regelmatig binnen in verpakkingen, pallets en dozen. Wij adviseren daarom een vaste ingangscontrole bij risicovolle partijen, en een gescheiden plek om binnenkomende goederen kort te laten staan voordat ze de voorraad in gaan.

Let op. Een lamp die vangt lost de oorzaak niet op. Blijft een lamp bij de deur hoge aantallen vangen, dan is de deur het probleem en niet de lamp. Wij benoemen daarom in de rapportage altijd welke maatregel bij u openstaat.

Wat kunt u verwachten na een behandeling?

Eerlijke verwachtingen voorkomen teleurstelling. Bij vliegende insecten hangt het resultaat sterk af van de vraag of de bron is weggenomen. Is dat gebeurd, dan gaat het snel. Is dat niet gebeurd, dan komt de overlast terug.

In de eerste dagen ziet u vaak nog insecten. Bij vliegen komen de dieren uit poppen die al aanwezig waren. Die ontwikkeling stopt niet door een behandeling. Meestal duurt dat een aantal dagen tot ongeveer twee weken, afhankelijk van de temperatuur.

Bij een bron in een afvoer of een vetvanger ziet u pas resultaat wanneer de laag met organisch materiaal daadwerkelijk weg is. Alleen spoelen met water is dan niet genoeg. De aanslag in de leiding is de kweekplaats.

Bij voorraadmotten geldt iets vergelijkbaars. Wordt een besmette partij niet gevonden, dan blijven de vallen vangen. Wij zoeken daarom door totdat de partij in beeld is, ook wanneer de aantallen na de eerste behandeling al dalen.

Bij een wespennest is het beeld anders. De activiteit neemt meestal binnen een dag sterk af. U kunt daarna nog losse wespen zien die onderweg waren toen wij het nest behandelden. Die verdwijnen vanzelf.

Wij controleren na. Bij een aanhoudend probleem plannen wij een vervolgbezoek in plaats van af te wachten. Blijkt bij die controle dat een afgesproken maatregel nog niet is uitgevoerd, dan zeggen wij dat, want dat is bijna altijd de reden dat het niet opschiet.

Veelgestelde vragen

Zijn de gebruikte middelen veilig voor kinderen en huisdieren?
Ja. Wij werken met middelen die een Ctgb toelating hebben en houden ons aan de voorgeschreven droogtijd. Na die tijd is de ruimte gewoon veilig. Onze technicus vertelt u altijd hoe lang u moet wachten.
Bestrijden jullie ook bijen of hommels?
Nee. Bijen en hommels zijn beschermd en nuttig. Die bestrijden wij niet. Bij twijfel kijken wij mee en verwijzen wij u zo nodig door naar een imker.
Werken jullie ook voor bedrijven?
Ja. Wij werken voor horeca, winkels, opslag en voedselverwerking, met rapportage en contractbeheer volgens de regels voor voedselveiligheid (HACCP).
Hoe snel kunnen jullie komen?
Vaak al binnen een paar dagen. Bel ons of vraag online een offerte aan.
Kunnen jullie buiten openingstijden komen?
Voor bedrijven plannen wij het werk graag op een rustig moment. Zo heeft u geen last tijdens uw drukke uren.
Helpen jullie met vliegenwering in de keuken?
Ja. Wij adviseren over vliegenlampen, hordeuren en gaas. Zo houdt u vliegen buiten en voldoet u makkelijker aan HACCP.
Hoe snel halen jullie een wespennest weg?
Vaak lukt dat binnen een paar dagen. Bij een bedrijf met spoed proberen wij dezelfde week te komen. Zit het nest bij een ingang of terras? Ga er niet zelf aan zitten. Dat kan gevaarlijk zijn voor uw klanten. Wij halen het altijd veilig weg, met de juiste bescherming.
Wat als de vliegende insecten na de behandeling terugkomen?
Blijft de overlast aanhouden binnen de garantietermijn? Dan komen wij kosteloos terug om de bron alsnog aan te pakken. Bij een vast contract controleren wij dit sowieso bij elk bezoek.
Wat kost het bestrijden van vliegende insecten?
De prijs hangt af van de soort en de plek. Een wespennest heeft een vaste prijs. Voor vliegenoverlast of vliegenwering in een bedrijf doen we eerst een inspectie. Daarna krijgt u een heldere offerte. Zo komt u niet voor verrassingen te staan.
Er zitten ineens veel dikke bromvliegen binnen. Wat betekent dat?
Meerdere grote blauwe of groene vliegen tegelijk wijzen vaak op een dood dier in het pand. Denk aan een duif in een schacht, een muis achter een plint of een marter in een spouw of op zolder. Bestrijden van de vliegen alleen heeft dan weinig zin, want er komen nieuwe bij tot het kadaver weg is. Wij zoeken de plek op, verwijderen het dier en kijken meteen hoe het er terecht is gekomen.
Hoe vaak moeten de lampen en lijmplaten worden vervangen?
De lijmplaat vervangt u meestal elke een tot drie maanden, in de zomer vaker. Een volle plaat vangt niets meer. De lampen zelf verliezen na ongeveer een jaar hun ultraviolette licht terwijl ze wel blijven branden. U ziet dus niet dat de lamp niet meer werkt. Vervang de lampen daarom jaarlijks, bij voorkeur in het voorjaar. Bij een contract nemen wij dit mee in het vaste schema en leggen wij de vervanging vast in uw logboek.
Waar mag een insectenlamp in een keuken niet hangen?
Niet boven of vlak naast een werkblad, een snijtafel of open product. Bij een audit levert dat een directe afwijking op. Ook niet vlak bij een buitendeur en niet zichtbaar vanaf buiten, want dan trekt hij insecten juist naar binnen. Hang hem op ongeveer twee tot tweeënhalve meter hoogte, uit een sterke luchtstroom en niet recht tegenover een raam. In een voedselomgeving adviseren wij een model met een lijmplaat in plaats van een elektrisch rooster.
Helpt een insectenlamp tegen fruitvliegjes?
Maar beperkt. Fruitvliegjes reageren zwakker op ultraviolet licht dan kamervliegen en blijven meestal dicht bij hun bron. Een lamp vangt er dus wel wat, maar zolang de bron er is komen er nieuwe bij. De lamp is vooral nuttig als meetpunt. Zien wij het aantal fruitvliegjes op de lijmplaat stijgen, dan weten wij dat er binnen nog een bron actief is.
Hoe weet ik of de kleine vliegjes uit de afvoer komen?
Plak aan het eind van de dag doorzichtig plakband helemaal over het afvoerputje. Kijk de volgende ochtend aan de onderkant van het plakband. Zitten daar vliegjes vast, dan komen ze uit die afvoer. Doe dit per putje, want in een keuken zijn er meestal meerdere. Vindt u niets, kijk dan onder een koeling, achter een vaatwasser, in een vloerput of in de vetafscheider.
Ik vind gaatjes in mijn wollen kleding. Zijn dat motten?

Waarschijnlijk wel, maar controleer eerst de plek zelf. Kledingmotten laten fijn spinsel of kleine kokertjes van vezels achter, meestal op rustige plekken zoals de achterkant van een kast of onder een meubel. Ziet u alleen gaatjes zonder spinsel, dan kan het ook slijtage of een zilvervisje zijn. Was aangetast textiel op zestig graden of leg het een week in de vriezer in een gesloten zak. Blijft de schade terugkomen, dan ligt er ergens nog een bron. Die zoeken wij op.

Er zitten motjes in mijn keukenkast. Moet ik alles weggooien?

Nee, alleen wat is aangetast. Controleer alle droge waar op spinsel, klontjes en draden, ook in ongeopende verpakkingen, want een larve kan zich door karton en dun folie werken. Gooi aangetaste producten weg in een gesloten zak en breng die direct naar buiten. Maak daarna de kast leeg en zuig de naden en schapdragers uit. Bewaar droge waar daarna in gesloten bakken.

Helpen feromoonvallen tegen voorraadmotten?

Ze lossen een besmetting niet op. Een feromoonval vangt alleen mannetjes. De larven in de voorraad blijven gewoon zitten. De waarde zit in de informatie. U ziet waar en wanneer de aantallen oplopen. Zo herkent u een besmette levering en ziet u of een maatregel werkt. Wij plaatsen de vallen op vaste punten, tellen bij iedere controle en leggen dat vast in de rapportage. De bron aanpakken en de ruimte reinigen blijft de kern van de aanpak.

Krijgen wij een overzicht van de vangsten in de lampen?
Ja. Wij nummeren de lampen en vangplaten en zetten ze op een plattegrond. Bij iedere controle tellen wij per lamp wat erop zit en noteren wij welke soorten wij zien. In de rapportage staat de reeks, zodat u ziet of het aantal stijgt of daalt en bij welke lamp dat gebeurt. Dat overzicht kunt u rechtstreeks in uw kwaliteitsdossier opnemen.
Kunnen jullie in onze keuken werken zonder te spuiten?
Vaak wel. In een keuken werken wij het liefst met het wegnemen van de bron, met reiniging van afvoeren en vetvangers, met insectenlampen en met wering bij deuren en roosters. Middelen zijn daar het laatste onderdeel, niet het eerste. Wanneer een middel toch nodig is, kiezen wij een toepassing die is toegestaan in een ruimte waar voedsel wordt bereid, en stemmen wij het moment af op uw openingstijden.
Wij krijgen motten binnen via inkomende goederen. Wat kunnen wij doen?
Voer een ingangscontrole in op partijen met een hoger risico, zoals granen, meel, noten, zaden, diervoeder en gedroogd fruit. Controleer de verpakking op gaatjes, spinsel en poederresten. Laat binnenkomende goederen kort op een aparte plek staan voordat zij de voorraad in gaan, zodat u een besmetting opmerkt voordat die zich verspreidt. Wij plaatsen daarnaast feromoonvallen, zodat u vroeg ziet dat er ergens een besmette partij ligt. Werk verder volgens het principe dat de oudste partij als eerste weggaat, want een vergeten partij achterin is een veelvoorkomende bron.

Gerelateerde diensten

Heeft u naast vliegende insecten ook last van andere plaagdieren, of wilt u meer weten over onze werkwijze?

Benieuwd wat het bij u kost? Bekijk onze tarieven en wat er altijd bij zit.

Ziet u dit ook op uw werk?

Bij bedrijven werken wij met een vast contract, vaste controles en een digitaal logboek dat u bij een inspectie of audit direct kunt laten zien. Bekijk wat wij doen voor horeca, voedingsindustrie, VvE en vastgoedbeheer, agrarisch, recreatie of zorg.

Last van vliegende insecten? Wij helpen u snel en discreet.

Offerte aanvragenBel 085 212 8877📷 App een foto