Houten bijenkast op een erf
Foto: Arnold Bartels, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons

Staan er bijenkasten op uw erf? Dan begint nu het belangrijkste moment van het jaar. De volken gaan de winter in en worden kleiner. Wasmotten en muizen wachten precies op dat moment.

Waarom het najaar het risicomoment is

In de zomer bewaakt een sterk volk zijn eigen kast. De bijen poetsen, ze patrouilleren en ze gooien indringers eruit. In september en oktober krimpt het volk. De bijen kruipen samen in een tros.

De randen van de kast zijn dan onbewaakt. Ramen aan de buitenkant worden niet meer bezocht. Daar slaan wasmotten en muizen toe.

De grote wasmot in uw kasten

De grote wasmot heet Galleria mellonella. De vlinder legt eitjes in kieren van de kast. De rupsen eten daarna de was en het stuifmeel in de raten.

U herkent het aan spinseldraden tussen de ramen. De raat wordt grijzig en brokkelig. Vaak ziet u ook fijn zwart poeder onder de raat liggen. Dat zijn uitwerpselen van de rupsen.

Een sterk volk houdt wasmot zelf tegen. Een zwak volk niet. Daarom is een wasmot vaak een teken dat er iets anders mis is met het volk.

Opgeslagen ramen zijn het grootste probleem

De meeste schade ontstaat niet in de kast, maar in uw opslag. U haalt ramen uit de kast en zet ze in de schuur. Daar is het warm, donker en rustig. De rupsen vreten dan in enkele weken een hele stapel ramen kapot.

Berg ramen daarom koud op. Onder de tien graden stopt de ontwikkeling van de wasmot vrijwel. Een onverwarmde schuur helpt al. Een vrieskist is nog beter.

Wilt u ramen zeker weten schoon? Zet ze dan 48 uur in de vriezer op min 20 graden. Daarna sluit u ze luchtdicht af in een bak of een dichte zak.

Zet raten nooit in een dichte, warme ruimte bij voer of graan. Dat combineert twee problemen. Hoe opslag van producten misgaat, leest u ook in ons artikel over ongedierte in de bollenschuur.

Let op. Gebruik in of bij bijenkasten geen gewone insecticiden. Wat een wasmot doodt, doodt vaak ook uw bijen. Werk met koude opslag, met sterke volken en met een kast die goed dicht is.

Muizen in de kast in de winter

Een muis zoekt in het najaar warmte en voedsel. Een bijenkast biedt allebei. De tros bijen geeft warmte. De raat geeft was en honing.

Een muis die eenmaal binnen is, bouwt een nest onderin de kast. Hij vreet raten weg en maakt de bijen onrustig. Een onrustig volk verbruikt meer voer en haalt de winter vaak niet.

Plaats daarom nu een muizenrooster of een vliegplankverkleiner voor de vliegopening. Een opening van maximaal zeven millimeter hoog houdt muizen buiten en laat bijen door.

Controleer ook de bodem en de deksel van de kast. Een rotte plank of een kier van een centimeter is voor een muis een deur.

De plek van uw bijenstal op het erf

Zet kasten niet in hoog gras of tegen een houtstapel. Daar zitten muizen al. Maai rondom minstens een meter kort en houd dat zo.

Zet de kasten op poten of op een stelling, minimaal dertig centimeter boven de grond. Dat maakt de klim lastiger en u kunt eronder kijken.

Houd afstand tot voeropslag en mestopslag. Dat zijn de plekken waar knaagdieren op uw erf al zitten. Hoe die plekken samenhangen met de rest van uw bedrijf, leest u in ons artikel over water op het erf.

Ook de geelpoothoornaar is een risico

De geelpoothoornaar jaagt op honingbijen. Hij hangt voor de vliegopening en pakt bijen uit de lucht. Een volk dat daardoor niet meer durft uit te vliegen, verzwakt snel.

In Noord-Holland en Flevoland worden steeds meer nesten gevonden. Nu de bladeren vallen, worden die nesten zichtbaar. Lees daarvoor ons artikel over geelpoothoornaarnesten die nu zichtbaar worden.

Wat wij voor u kunnen doen

Wij bestrijden geen bijen. Wij helpen u juist om uw bijen te beschermen. Dat doen wij door de knaagdieren en de motten op uw erf aan te pakken en door uw opslag te beoordelen.

Wij werken volgens IPM. Dat staat voor geïntegreerde plaagdierbeheersing. Wij kijken eerst naar de oorzaak en naar bouwkundige oplossingen. Middelen zetten wij alleen in waar dat veilig kan, en nooit in de buurt van uw kasten.

Hulp nodig bij ongedierte op uw agrarisch bedrijf in Groot-Amsterdam of Flevoland? Wij helpen u snel en discreet.

Offerte aanvragenBel 085 212 8877