Meest voorkomende overlastgevende vogelsoorten
In Nederland zijn de stadsduif (Columba livia domestica), de zilvermeeuw (Larus argentatus), de kleine mantelmeeuw (Larus fuscus) en de spreeuw (Sturnus vulgaris) de meest voorkomende soorten die overlast geven aan gebouwen, bedrijventerreinen en openbare ruimtes.
De stadsduif
Stadsduiven nestelen op gebouwen en produceren grote hoeveelheden uitwerpselen — één duif produceeert circa 12 kg uitwerpselen per jaar. Uitwerpselen zijn zuur en beschadigen stenen, metaal en voegwerk. Ze verstoppen ook afvoergoten en ventilatieroosters. In grote steden als Amsterdam zijn duifkolonies van honderden dieren geen uitzondering.
Meeuwen op daken
Meeuwen nestelen op platte daken van bedrijfspanden en stadsgebouwen. Ze zijn territoriaal en agressief tijdens het broedseizoen (april–juli) — ze duiken op passanten en bezorgers. Meeuwen zijn beschermd in Nederland; nestverwijdering is alleen met ontheffing toegestaan.
Spreeuwen in groepen
Spreeuwen vormen in de winter enorme zwermen (murmurations) die op gebouwen neerstrijken en massale vervuiling veroorzaken. Ze kunnen ook dakisolatie beschadigen bij het nestelen in dakrandopeningen.
Professionele vogelwering
Afdeling Dierplagen inventariseert de vogelsoort en de nestlocatie en adviseert de meest effectieve, diervriendelijke weringsstrategie conform de Wet Natuurbescherming. Neem contact op voor een inspectie.