Aziatische tijgermug (Aedes albopictus) met de kenmerkende witte streep op kop en borststuk
Foto: James Gathany, CDC, publiek domein, via Wikimedia Commons

De NVWA kan met DNA-onderzoek nu aantonen of een aangetroffen Aziatische tijgermug nieuw is binnengebracht of hier de winter heeft overleefd. Datzelfde onderzoek liet ook zien dat een eerdere bestrijding echt was geslaagd. Dat laatste is voor iedereen met een pand of terrein het interessantste deel van dit nieuws. Want de vraag is bijna nooit of u iets ziet. De vraag is of het weg is en blijft.

Wat de NVWA heeft onderzocht

Op 20 augustus 2026 publiceerde de NVWA de resultaten van nieuw DNA-onderzoek naar de Aziatische tijgermug. Het onderzoek is uitgevoerd door het Centrum Monitoring Vectoren, onderdeel van de NVWA, samen met internationale partners waaronder een Spaans onderzoeksinstituut. De resultaten staan in het wetenschappelijke tijdschrift Parasites and Vectors.

De onderzoekers brachten de genetische verwantschap tussen individuele muggen en tussen vondstlocaties in kaart. Daarmee is te reconstrueren waar een gevonden mug vandaan komt.

Onderzoeker Adolfo Ibáñez-Justicia van het Centrum Monitoring Vectoren omschrijft het in het bericht van de NVWA zo: “Eigenlijk gebruiken we DNA als een soort forensisch hulpmiddel.”

Eerder dit jaar werd de soort nog aangetroffen in ons eigen werkgebied. Daarover schreven wij het artikel over de vondsten in Lelystad en de Noordoostpolder.

Wat het onderzoek laat zien

Er komen drie dingen uit die de moeite waard zijn.

De mug komt via meerdere losse introducties binnen. Op locaties met veel internationaal transport, zoals bedrijven die gebruikte banden importeren en luchthavens, zijn verschillende genetische lijnen gevonden. Dat betekent dat daar regelmatig nieuwe muggen binnenkomen en niet dat er één populatie zit die zich uitbreidt.

De soort heeft op enkele plekken de winter overleefd. Bij een bedrijf in gebruikte banden en in een woonwijk bleken muggen uit verschillende jaren nauwe verwanten. Dat is genetisch bewijs dat lokale overwintering in Nederland mogelijk is.

Een eerdere bestrijding bleek echt geslaagd. In een woonwijk waar de NVWA eerder een populatie had bestreden, dook jaren later opnieuw een tijgermug op. Die bleek genetisch niet verwant aan de oorspronkelijke populatie. De oude populatie was dus weg en er was sprake van een nieuwe introductie.

Let op. De NVWA meldt dat de Aziatische tijgermug ziektes kán overdragen. Dat is iets anders dan dat dat hier gebeurt. Nederland heeft geen gevestigde populatie, en juist daarom voert de NVWA elk jaar intensieve controle en bestrijding uit. Doel is de vestiging zo lang mogelijk uit te stellen. Zie deze uitkomst dus niet als reden voor onrust, maar als reden om broedplaatsen op uw eigen terrein serieus te nemen.

Waarom dit voor uw pand interessanter is dan het lijkt

Het meeste nieuws over de tijgermug gaat over vondsten. Dit bericht gaat over iets anders. Het gaat over bewijs.

In plaagdierbeheersing loopt bijna elke discussie vast op dezelfde vraag. Is het probleem echt opgelost, of is het even stil? Een klant ziet niets meer en gaat ervan uit dat het klaar is. Twee maanden later staat het er weer.

Wat de NVWA hier laat zien, is dat je die vraag beantwoordbaar kunt maken. In dit geval met DNA. In het dagelijkse werk gebeurt dat op een eenvoudiger manier, met monitoring en nacontrole. Het principe is hetzelfde. U meet vooraf, u meet tijdens en u meet daarna.

Waarom “we zien niets meer” geen bewijs is

Er zijn drie redenen waarom geen waarneming geen bewijs is.

Dieren zijn schuw na verstoring. Ratten zijn wantrouwend tegenover nieuwe voorwerpen. Na een behandeling houden ze zich een tijd gedeisd. Nul vangst betekent dan niet nul ratten.

De ontwikkeling loopt door. Bij insecten zit een deel van de populatie in een levensfase die u niet ziet. Eitjes, larven en poppen zitten in afvoeren, kieren, naden of water. Alleen de volwassen dieren vallen op.

Herintroductie ziet er hetzelfde uit als terugkeer. Dat is precies waar het DNA-onderzoek over gaat. Zonder meting kunt u een nieuw probleem niet onderscheiden van een oud probleem dat nooit weg was. En die twee vragen om een heel andere aanpak. Bij terugkeer heeft u de bron gemist. Bij herintroductie heeft u een route open laten staan.

Hoe plaagdieren meeliften naar uw locatie

De tijgermug komt niet aanvliegen uit Zuid-Europa. Hij komt mee. Met gebruikte banden, met vracht, met planten en met reizigers. Eitjes van deze soort zijn goed bestand tegen droogte en kunnen zo een reis overleven in een bandenstapel of een plantenpot.

Dat meeliftprincipe kent u waarschijnlijk uit uw eigen bedrijf. In de praktijk zien wij dezelfde routes bij gewone plaagdieren.

  • Kakkerlakken in dozen, apparatuur en retouremballage.
  • Bedwantsen in bagage, matrassen en tweedehands meubilair.
  • Voorraadaantasters in grondstoffen, verpakking en pallets.
  • Muizen in pallets, kratten en zendingen die buiten hebben gestaan.

Wij schreven eerder over hetzelfde patroon bij een dode Japanse kever die meekwam met een transport uit Italië.

De les is simpel. Ingangscontrole van goederen is een plaagdiermaatregel. Wie alleen binnen bestrijdt en niets doet aan wat er binnenkomt, blijft bestrijden.

Wat dit betekent voor bedrijven

Transport, logistiek en bandenhandel. De NVWA noemt bedrijven die gebruikte banden importeren met zoveel woorden als risicolocatie. Buitenopslag waar regenwater in blijft staan, is voor deze mug een broedplaats. Bandenstapels, kratten en dekzeilen verdienen wekelijkse aandacht.

Luchthavengebied en omliggende bedrijventerreinen. Ook luchthavens komen in het onderzoek naar voren. Voor ons werkgebied is dat relevant, want Schiphol en de omliggende terreinen liggen midden in Groot Amsterdam.

Tuincentra, kwekerijen en plantenimport. Water in potten, schotels en transportbakken houdt lang stand. Dat geldt voor de tijgermug en voor gewone steekmuggen.

Horeca en recreatie. Muggen kosten omzet op een terras en zorgen voor klachten op een camping. De aanpak zit vrijwel altijd in stilstaand water binnen tien meter van de plek waar de klachten ontstaan.

Voedselbedrijven. HACCP is het systeem waarmee bedrijven risico’s voor voedselveiligheid beheersen. Bij een audit gaat het niet alleen over of u iets doet, maar of u kunt laten zien dat het werkt. Monitoringsgegevens, een logboek en nacontrole zijn dan het bewijs.

VvE en vastgoedbeheer. Het onderzoek vond overwintering ook in een woonwijk. Regentonnen, verstopte dakgoten, binnentuinen en platte daken met een plas water zijn allemaal kleine broedplaatsen. Op complexniveau tellen die bij elkaar op.

Wat dit betekent voor bewoners

Voor bewoners is de boodschap kort. De belangrijkste broedplaats van muggen ligt meestal op het eigen perceel en niet in het park. Dat werkten wij eerder uit in ons artikel over muggenoverlast en broedplaatsen in de stad.

De Aziatische tijgermug is kleiner dan de gewone huismug en heeft een duidelijke witte streep op kop en borststuk. De poten hebben witte banden. Het dier steekt overdag, en dat is voor Nederland ongebruikelijk gedrag.

Denkt u er een te zien? Meld dat bij de NVWA en vang het dier als het kan. Zelf bestrijden heeft geen zin en is niet aan u. Wat u wel kunt doen is water weghalen.

Wat u zelf kunt controleren

Loop dit eens per twee weken na. Twee weken is ongeveer de tijd die een larve nodig heeft om volwassen te worden.

  • Regentonnen. Deksel erop of fijn gaas eroverheen.
  • Emmers, gieters, kruiwagens en speelgoed. Omdraaien of leeggooien.
  • Plantenschotels en potten met een rand water.
  • Dakgoten en straatkolken. Bladeren eruit, want daar blijft water in staan.
  • Dekzeilen en bouwfolie. Elke plooi is een plasje.
  • Buitenopslag zoals banden, kratten en pallets.
  • Putjes en afvoeren die niet meer gebruikt worden.
  • Kelderputten, liftputten en drainageputten.
Let op. Gooi geen olie, chloor, zout of afwasmiddel in water waar larven in zitten. Het werkt niet betrouwbaar, het is schadelijk voor de omgeving en het is geen toegelaten toepassing. Water weghalen of afdekken is effectiever en veiliger.

Wat wij wel en niet doen

Wij zijn hier eerlijk over. Het opsporen en bestrijden van invasieve exotische muggen is een taak van de NVWA. Wij nemen dat werk niet over en wij doen geen DNA-onderzoek.

Wat wij wel doen is het werk daaromheen. Broedplaatsen opsporen op uw eigen terrein. Wering en bouwkundige gebreken beoordelen. Monitoring inrichten en de resultaten leesbaar vastleggen. En de gewone plaagdieren aanpakken waar u wel dagelijks mee te maken heeft. Zie ook onze pagina over vliegende insecten en over plaagdierbeheersing.

Onze werkwijze volgt IPM. IPM staat voor Integrated Pest Management. Daarbij staan preventie, inspectie en niet chemische maatregelen voorop. Een middel is het laatste station en niet het eerste.

Waarom nacontrole het verschil maakt

Een behandeling is pas af als u weet dat het werkt. In de praktijk betekent dat vier stappen.

Nulmeting. Leg vast wat u aantreft en waar. Zonder beginpunt kunt u later niets vergelijken.

Oorzaak wegnemen. Voedsel, water, dekking en toegang. Dit is het deel dat blijvend werkt.

Meten tijdens. Monitoringspunten op vaste plekken, met datum en waarneming. Ook een lege controle is een meting.

Nacontrole. Na afloop nog een ronde, en bij insecten na ongeveer een levenscyclus opnieuw. Zo ziet u het verschil tussen stilte en oplossing.

Voor bedrijven levert dit meteen het dossier op dat u bij een audit of bij een discussie met een verhuurder nodig heeft.

Veelgestelde vragen

Zit de Aziatische tijgermug nu in Nederland gevestigd?
Nee. Er is geen gevestigde populatie. Het onderzoek toont wel aan dat de soort op enkele plekken een winter heeft overleefd. Daarom blijft de NVWA controleren en bestrijden.

Hoe herken ik een tijgermug?
Het is een kleine, opvallend zwart met witte mug. Kenmerkend zijn de witte streep midden over kop en borststuk en de witte banden op de poten. Hij steekt ook overdag.

Wat moet ik doen als ik denk er een te zien?
Vang het dier voorzichtig, bijvoorbeeld onder een glas, en meld het bij de NVWA. Een foto helpt. Ga niet zelf spuiten.

Wat is het verschil tussen terugkeer en een nieuwe introductie?
Bij terugkeer is de bron nooit weggeweest en heeft u iets gemist. Bij een nieuwe introductie is het probleem opnieuw binnengebracht en staat er dus een route open. De maatregelen verschillen daardoor sterk.

Geldt dit alleen voor muggen?
Nee. Het principe geldt voor elk plaagdier. Bij kakkerlakken, bedwantsen en voorraadaantasters is het onderscheid tussen restpopulatie en herintroductie net zo bepalend voor de aanpak.

Hoe lang moet ik na een behandeling blijven controleren?
Dat hangt af van de soort. Als vuistregel controleert u minimaal één volledige ontwikkelingscyclus door. Bij knaagdieren is enkele weken gebruikelijk, bij insecten hangt het sterk af van de temperatuur.

Bronnen

NVWA, DNA-onderzoek biedt NVWA nieuw inzicht in verspreiding en bestrijding van de Aziatische tijgermug, nieuwsbericht 20 augustus 2026. Het onderliggende onderzoek is gepubliceerd in Parasites and Vectors. Aanvullend geraadpleegd op 1 september 2026: NVWA, pagina over de Aziatische tijgermug.

Foto: James Gathany, CDC, publiek domein, via Wikimedia Commons.

Wilt u weten of een plaag op uw locatie echt is opgelost, of zoekt u monitoring die aantoonbaar is bij een audit? Wij helpen u in Groot Amsterdam en Flevoland met inspectie, wering en nacontrole.

Offerte aanvragen
Bel 085 212 8877