Waarom nestelen mieren in kelders en kruipruimtes?
Kelders en kruipruimtes bieden mieren ideale nestcondities: vocht, beschutting en warmte. Zwarte wegmieren nestelen langs de buitenwand van de kelder of onder de keldervloer. Tapijmieren nestelen in isolatiemateriaal en holle muren. Faraomieren nestelen in verwarmde kruipruimtes nabij leidingwerk.
Hoe herkent u mieren in de kelder?
- Miersporen langs muren en plinten, met name bij leidingdoorvoeringen.
- Zandhoopjes of aardkruimels langs de keldermuur — teken van actief graven.
- Directe observatie van mieren bij de leidingdoorvoer of in hoeken van de vloer.
Risico van mieren in de kruipruimte
Mieren in de kruipruimte zijn soms voorbodes van vochtproblemen — ze zoeken immers vochtige omgevingen. Controleer ook op schimmel en condens. Daarnaast kunnen mieren die in de kruipruimte nestelen de weg vinden naar de woonruimte via spleten in de vloer.
Aanpak
Elimineer de vochtbron. Behandel het nest met een soortgerichte lokdoos of professioneel insecticide. Dicht ingangen vanuit de kruipruimte naar de woonruimte af. Afdeling Dierplagen inspecteert de kruipruimte en behandelt het nest inclusief weringadvies. Neem contact op.