Welke muizensoorten komen voor in Nederland?
In en rondom gebouwen in Nederland zijn drie muizensoorten relevant voor plaagdierbestrijding:
- Huismuis (Mus musculus): De meest voorkomende soort binnenshuis. Heeft een bijzonder grote adaptieve capaciteit voor leven in gebouwen.
- Veldmuis (Microtus arvalis): Leeft primair buiten in graslanden maar kan bij hoge populatiedichtheid of bij schaalse voedselperioden gebouwen binnendringen via laaddocks en kelderramen.
- Aardmuis (Microtus agrestis): Vergelijkbaar met de veldmuis, iets groter, meer gebonden aan vochtige gebieden. Problematisch bij bedrijven met omliggend weiland of groenstroken.
Hoe onderscheid je een huismuis van een veldmuis?
De veldmuis is compacter gebouwd dan de huismuis, met een stompe snuit, kleinere ogen en oren, en een korte staart (minder dan de helft van de lichaamslengte). De huismuis heeft een puntige snuit, grote oren en een lange staart. In de praktijk is de huismuis beduidend kleiner dan een veldmuis.
Schade door veldmuizen buiten
Veldmuizen graven gangen en gangenstelsels in gazons en groenstroken. Ze eten plantenwortels, bollen en jonge bomen (ringschors). Bij hoge populaties — na zachte winters — kan de schade aan terreinen en tuinen aanzienlijk zijn.
Aanpak per soort
De bestrijdingsaanpak voor veld- en aardmuizen focust op de buitenperimeter: monitoring langs groenstroken, slagvallen in beschermde stations en wering van gebouwingangen. De aanpak verschilt van de binnenaanpak voor huismuizen. Afdeling Dierplagen identificeert de soort bij de eerste inspectie. Neem contact op voor een inspectie op maat.