
In een gemiddelde supermarkt gaan er per dag honderden flessen en blikjes door de statiegeldautomaat. In bijna elke verpakking zit een restje. Bij elkaar levert dat elke dag liters suikerhoudend vocht op, precies bij de ingang van uw winkel. Voor wespen, fruitvliegjes en muizen is dat de aantrekkelijkste plek van het hele pand.
Waarom emballage zo aantrekkelijk is
Het gaat niet om de grote hoeveelheid. Het gaat om suiker in vloeibare vorm, op kamertemperatuur, in de open lucht. Dat begint binnen een dag te gisten. Die geur draagt ver.
Blikjes zijn daarbij lastiger dan flessen. Een blikje laat zich niet leegschudden en niet omspoelen. Sinds er ook statiegeld op blikjes zit, is het volume vocht in de innamehoek van veel winkels flink gestegen. Veel winkels hebben hun schoonmaakroutine daar niet op aangepast.
Daar komt bij dat de innamehoek vaak vlak bij de automatische schuifdeur zit. Het is dus ook nog eens de plek waar de buitenlucht naar binnen komt. Wat u aantrekt, staat meteen bij de deur.
De achterkant van de automaat
Wat klanten zien, is een gleuf en een scherm. Wat erachter zit, is een transportband, een perser of een breekunit en een opvangbak. Op die band en in die unit blijft vocht achter. Dat wordt zelden gereinigd, want de kast zit dicht en er staat een monteurscontract op.
Vraag bij uw leverancier na hoe vaak het binnenwerk gereinigd wordt en of dat in het onderhoudscontract zit. In veel contracten staat alleen storingsonderhoud. Dan wordt er dus alleen schoongemaakt als het apparaat vastloopt.
Kijk zelf onder en achter de automaat. Daar staat het apparaat vaak op pootjes of op een sokkel, met een holle ruimte eronder. Wij vinden daar geregeld muizenkeutels en dopjes die al maanden liggen. Die ruimte is voor een muis warm, donker en beschut, en er ligt eten.
De emballageruimte achter de wand
Achter de automaat ligt de ruimte waar de zakken en de kratten verzameld worden. Die ruimte heeft bijna altijd een deur naar het laadperron. Dat maakt het een doorgangsplek voor dieren van buiten.
Drie dingen gaan daar meestal mis. De zakken staan te lang. De vloer wordt geveegd maar niet gedweild, dus het suikerlaagje blijft. En de deur naar buiten staat open omdat het er warm is en er veel gesjouwd wordt.
Die open deur is een groter risico dan de zakken zelf. Hetzelfde geldt bij de bevoorrading, zoals wij eerder beschreven bij laad- en losdeuren. Een deur die tien minuten openstaat is genoeg voor een rat om binnen te lopen.
Zomer en najaar vragen om iets anders
In augustus en september gaat het vooral om wespen en fruitvliegjes. Wespen komen op de zoete restjes af en zitten dan bij de automaat waar uw klanten staan. Dat geeft klachten en soms steekincidenten. Fruitvliegjes vermenigvuldigen zich razendsnel in gistend vocht.
Vanaf oktober verschuift het naar muizen en ratten. Die zoeken warmte en vinden bij de emballage tegelijk voedsel en dekking. In die periode ziet u de eerste sporen bijna altijd achter of onder de kast, niet in het zicht.
Uw schoonmaakschema moet dus twee keer per jaar mee. In de zomer draait het om vocht wegnemen en vaker legen. In het najaar draait het om routes dichten en om controle op sporen.
Een werkbaar schema
Dagelijks: opvangbak legen, de vloer voor de automaat nat reinigen en de emballagezakken afvoeren. Laat geen volle zak overnachten.
Wekelijks: de zichtbare delen van het binnenwerk reinigen, het vloerputje doorspoelen en met een zaklamp achter en onder de kast kijken.
Maandelijks: de automaat een stuk van de wand halen als dat kan, en de ruimte erachter reinigen. Noteer wat u aantrof. Dat logboek is hetzelfde principe als bij de afvalplek achter uw winkel, waarover wij schreven in kartonpers en afvalcontainer achter de winkel.
Neem in het schema ook op wie het doet. In veel winkels is de emballagehoek van niemand. De vulploeg zegt dat het de schoonmaak is, de schoonmaak zegt dat het de vulploeg is. Zet er een naam bij.
Wat wij hier controleren
Bij een inspectie kijken wij niet als eerste naar de automaat zelf. Wij kijken naar de vier vierkante meter eromheen. De plint, de sokkel, de kabeldoorvoer in de muur achter het apparaat en het vloerputje.
Die kabeldoorvoer is een klassieker. Er zit stroom en soms een netwerkkabel naar de automaat toe. Het gat daarvoor wordt bij plaatsing zelden goed dichtgezet. Het geeft rechtstreeks toegang tot de spouw of tot de ruimte achter de wand.
Wij werken volgens IPM. Dat staat voor geintegreerde plaagdierbeheersing. Eerst wegnemen wat het dier aantrekt, dan de route dichten, en pas als laatste ingrijpen. Wij werken daarbij bewust zonder gif. Bij een versafdeling of een innamehoek is dat ook logisch, want daar liggen levensmiddelen. Dezelfde redenering gebruikten wij bij ongedierte in de versafdeling.
Lees ook
- Leegstand naast uw winkel: waarom het lege pand ernaast uw probleem wordt
- Kerstvoorraad vroeg inslaan? Zo voorkomt u ongedierte in uw winkelmagazijn
- Personeelsruimtes in de winkel: de blinde vlek bij ongediertecontrole
- Parkeerplaats en groenstrook bij uw winkel: de onzichtbare route naar ongedierte binnen
- Ongedierte in de boekhandel: waarom papier en karton papiervisjes aantrekken