
In een boekhandel denkt niemand meteen aan ongedierte. Er ligt immers geen eten. Toch is een boekwinkel een aantrekkelijke plek voor een paar specifieke soorten. Papier, karton, lijm en textiel zijn namelijk voedsel. En omdat de schade langzaam ontstaat, ziet u het pas als er al veel mis is.
Papier is voedsel
Papiervisjes en zilvervisjes eten zetmeel en cellulose. Dat zit in papier, in karton en vooral in de lijm van boekruggen en etiketten. Ze knagen niet zoals een muis. Ze schrapen het oppervlak weg.
Het resultaat ziet u als vage, onregelmatige plekken op de omslag. Of als kleine gaatjes langs de rug. Op een witte kaft valt dat direct op. Een beschadigd exemplaar kunt u niet meer verkopen.
Het papiervisje is in Nederland de belangrijkste soort geworden. Het is groter en grover dan het zilvervisje en het heeft geen badkamer nodig. Het redt zich prima in een gewone winkelruimte. Daardoor verspreidt het zich makkelijk door een pand.
Waar het meestal begint
Bijna altijd achterin. In het magazijn, in het trappenhuis of in de opslag onder de trap.
Daar staan dozen op de grond tegen de muur aan. Daar ligt oud verpakkingskarton. Daar wordt minder schoongemaakt en komt minder licht. Papiervisjes zijn nachtdieren en schuwen licht, dus dat is precies wat ze zoeken.
Een tweede bron is de aanvoer. Boeken komen in kartonnen dozen binnen die eerder in een ander magazijn stonden. Karton is een klassieke meelifter. Hetzelfde risico beschrijven we voor het webshopmagazijn.
Een derde bron is vocht. Een lekkende dakgoot, een koude buitenmuur of een vochtige kelder maakt de kans veel groter. Vocht is bij deze dieren de doorslaggevende factor.
Niet alleen boeken
Een moderne boekhandel verkoopt meer dan boeken. Er staan wenskaarten, cadeauartikelen, kalenders en vaak een klein assortiment textiel of knuffels. Juist die randassortimenten trekken andere soorten.
Kleermotten en tapijtkevers gaan op wol en veren af. Die schade lijkt op wat u ziet in een kledingzaak. Lees daarvoor ongedierte in de kledingwinkel.
Is er ook een koffiehoek of een schap met chocolade en snoep? Dan komen daar voorraadmotten en muizen bij. Dat maakt van uw winkel opeens een gemengd risico, net als bij de drogisterij en apotheek.
Vijf maatregelen die echt schelen
Zet niets rechtstreeks op de vloer. Gebruik stellingen met een vrije ruimte van minstens vijftien centimeter onder de onderste plank. Dan kunt u eronder vegen en ziet u wat er ligt.
Houd de muren vrij. Een strook van tien centimeter tussen doos en muur maakt controleren mogelijk.
Voer leeg karton dezelfde dag af. Laat het niet dagen achterin staan.
Los het vocht op. Meet de luchtvochtigheid in het magazijn. Boven de zestig procent is het te hoog voor een papieropslag.
Roteer uw voorraad. Boeken die twee jaar onderop een stapel liggen, zijn de eerste die aangetast raken.
Wat wij doen bij een boekhandel
Wij beginnen met monitoren. Met lijmvallen op vaste punten zien we binnen twee tot vier weken waar de dieren echt zitten en hoeveel het er zijn. Zonder die informatie is elke behandeling gokwerk.
Daarna pakken we de oorzaak aan. Kieren dichten, vocht terugbrengen en de opslag anders inrichten. Pas als dat niet genoeg is, behandelen we gericht de schuilplekken. Wij werken volgens IPM. IPM betekent dat de oorzaak voorgaat op het middel.
Wij plannen het werk buiten uw openingstijden, zodat uw klanten er niets van merken. Heeft u meerdere vestigingen? Dan kunnen we dat in een contract onderbrengen met een vaste rapportage. Wilt u weten wat dat kost? Vraag een offerte aan.
Lees ook
- Zilvervisjes en allergie: gezondheidsrisico’s
- Zilvervisjes in de kelder of kruipruimte
- Ongedierte na een lekkage: waarom pissebedden en zilvervisjes op vocht afkomen
- Douches en kleedkamers op kantoor: waarom vochtige ruimtes ongedierte aantrekken
- Archiefruimte op kantoor: zo beschermt u papier met bewaarplicht tegen papiervisjes