Huisvlieg (Musca domestica) van dichtbij
Foto: Kolforn, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons

Op een varkensbedrijf draait alles om bioveiligheid. U werkt met hygienesluizen, bedrijfskleding en vaste routes. Toch loopt er iets dwars door dat systeem heen. Ratten, muizen en vliegen houden zich niet aan uw erfgrens.

Waarom ongedierte een gat in uw bioveiligheid slaat

Bioveiligheid betekent dat u ziektes buiten uw stal houdt. U regelt dat voor mensen en voor transport. Knaagdieren en vliegen vallen vaak buiten dat plan.

Dat is een risico. Een rat loopt tussen afdelingen door. Hij loopt ook van het buurerf naar uw erf. Vliegen vliegen honderden meters. Beide kunnen ziektekiemen meenemen op hun poten en in hun uitwerpselen.

Denk aan salmonella. Denk ook aan dysenterie en aan de verspreiding van E. coli tussen afdelingen. Een schone sluis helpt niet als de rat via de mestkelder binnenkomt.

Wat knaagdieren nog meer kosten

Naast ziekterisico is er directe schade. Ratten en muizen knagen aan isolatie van de stal. Ze knagen aan kabels van voercomputers en ventilatie. Uitval van ventilatie is in een varkensstal levensgevaarlijk voor uw dieren.

Er is ook voerverlies. Gemorst brok bij de voerinstallatie is een gratis buffet. Wat er in de opslag misgaat, beschrijven wij bij voeropslag en mestkelders.

Let op. Ziet u overdag een rat op het erf? Dan is de populatie al groot. Ratten zijn schuw. Overdag zichtbaar zijn betekent dat er te weinig plek en te weinig voer is voor iedereen.

Vliegen in de varkenshouderij

Vliegen leggen eieren in mest en in nat organisch materiaal. In een warme stal is de cyclus kort. Van ei tot vlieg duurt in de zomer soms nog geen twee weken. Daarom groeit een probleem zo snel.

Vliegen zijn meer dan hinder. Ze irriteren uw dieren. Onrustige dieren eten minder. Ze verspreiden ook kiemen tussen hokken. En ze zorgen voor klachten uit de buurt.

De aanpak begint bij de mest. Houd mestgangen zo droog mogelijk. Voorkom natte randen en plassen. Ruim gemorst voer dezelfde dag op. Bestrijding zonder deze basis werkt maar kort.

Zes plekken die u vaak over het hoofd ziet

De randen van de mestkelder en de put bij de mixer. De ruimte onder roosters bij de wanden. De voersilo en de vulslang. De kadaverplaats en de route ernaartoe. De opslag van strooisel en emballage. De technische ruimte met de voercomputer.

Deze plekken staan zelden op de schoonmaakronde. Ze staan wel op de looproute van knaagdieren.

Ongedierte hoort in uw bioveiligheidsplan

Zet plaagdierbeheersing gewoon in hetzelfde plan als uw andere maatregelen. Leg vast wie controleert, hoe vaak en wat er wordt genoteerd. Bewaar de rapporten. Uw dierenarts en uw afnemer vragen er steeds vaker naar.

Denk daarbij ook aan wat er uw erf op rijdt. Machines, voer en emballage nemen ongedierte mee van bedrijf naar bedrijf. Dat leest u bij loonwerk en transport. In de pluimveehouderij speelt hetzelfde. Zie ons artikel over bioveiligheid in de pluimveehouderij.

Onze aanpak op uw bedrijf

Wij werken volgens IPM. IPM betekent dat wij eerst de oorzaak wegnemen. Wij kijken naar toegang, voedsel en schuilplekken. Pas daarna volgt bestrijding. Wij gebruiken bewust geen gif.

Dat is niet alleen een keuze uit principe. Gif geeft doorvergiftiging bij uilen, roofvogels en katten op het erf. Het maakt knaagdieren ook minder gevoelig op de lange duur. Een gifloze aanpak met wering en monitoring houdt langer stand.

Wilt u weten wat een vast controlecontract voor uw bedrijf kost? Vraag een vrijblijvende offerte aan.

Hulp nodig bij ongedierte op uw agrarisch bedrijf in Groot-Amsterdam of Flevoland? Wij helpen u snel en discreet.

Offerte aanvragenBel 085 212 8877